Voorlezen is pure interactie tussen ouder en kind

RODEN - In Bibliotheek Roden is elke maand een voorleesmiddag voor kinderen. Elsbeth Room en Annemieke Prins leggen uit dat voorlezen meer is dan gewoon woordjes opdreunen.

RODEN - ,,Het is zó ontzettend leuk om te doen”, vertelt voorleesvrijwilliger Annemieke Prins. Ze spreekt met behalve haar stem ook met armen en benen. Kinderen die naar haar luisteren zullen ongetwijfeld geboeid in het verhaal blijven. Toch heeft een voorleesvrijwilliger meer nodig dan een enthousiaste mimiek en motoriek. ,,Om het goed te doen moet je eerst zelf het boek lezen, en vooral goed plaatjes kijken”, vult Elsbeth Room aan. Beiden zijn verbonden aan Bibliotheek Roden. Prins –één van de drie voorleesvrijwilligers van de bibliotheek- leest al jaren voor, en Room is jeugdbibliothecaris. De jeugd in Roden en omgeving in de leeftijd van drie tot zes jaar krijgt al jarenlang voorleesmiddagen voorgeschoteld. Aan de hand van een thema wordt een boekenlijst samengesteld. Zo is het thema van december ‘Nacht / slapen / dromen…”. Op bijbehorende voorlees-tiplijst staan boeken als ‘Ik wil mijn Knuffel’ van K. Amant, ‘Het Slaapfeestje’ van J. Sykes, en verder nog zo’n vijf en twintig andere titels. Die kunnen ouders lenen van de bibliotheek en thuis voorlezen. Voor januari 2012 staat prentenboek van het jaar ‘Mama kwijt!’ centraal, waaraan de Nationale Voorleesdagen zijn verbonden. Verder in 2012 komen thema’s aan bod zoals ‘Verhuizen’, De Kapper’ en tegen de zomervakantie heel toepasselijk ’Op reis’. Voorsprong Prins: ,,De thema’s variëren per leeftijdgroep, zijn afhankelijk van het seizoen maar ook van gebeurtenissen. De geboorte van een broertje of zusje heeft bij kinderen enorme impact. Door hierover voor te lezen krijgt zo’n gebeurtenis extra aandacht en krijgt het een plek in de belevingswereld van het kind.” Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat in gezinnen waar wordt voorgelezen, kinderen taaltechnisch gezien een voorsprong krijgen op kinderen waarbij dat niet wordt gedaan. Voorlezen draagt duidelijk bij aan de woordenschat en taalontwikkeling, bovendien prikkelt het de fantasie, weet Room. ‘Lopertjes’ Door haar enorme ervaring weet Prins al heel snel wat voor vlees ze in de kuip heeft. Ze weet precies of er ‘lopertjes’ aanwezig zijn, of juist hele stille kinderen. ,,De één heeft aan een verhaaltje genoeg en raakt snel verveeld. Een ander duikt met het hoofd tussen de handen gedrukt en ogen dicht het verhaal in.” Om aandacht vast te houden wordt tussendoor een spelletje gedaan, heft Prins een lied aan of ze laat kinderen zelf het eind van het verhaal verzinnen. Trucjes genoeg. Room: ,,Ga vooral door met voorlezen. Stop niet als ze zelf kunnen lezen. Bijna niemand durft het hardop te zeggen maar ik ben ervan overtuigd dat mensen hun hele verdere leven het prettig vinden voorgelezen te worden.” Ze onderbouwt haar mening met de opkomst van luisterboeken. Volwassenen zetten een CD Rom op, en laten zich poëzie voorlezen, een gedicht of een complete roman. Het liefst laten ze dat doen met de stem van de schrijver zelf. Gewoon doen Iedereen kan voorlezen is de opvatting van Prins. ,,Gewoon doen, je merkt vanzelf of het aanslaat. Zo niet, zoek dan een boek uit dat bij jezelf past, dat leest een stuk makkelijker.” Als ervaringdeskundige heeft Prins natuurlijk makkelijk praten. Maar ze geeft een tip door aan te geven dat er onderscheidt gemaakt kan worden tussen voorlezen en vertellen. ,,Je kan strak uit het boek voorlezen, niets mis mee. Maar je kan het verhaal laten beleven door te variëren met toonhoogte in je stem. Praat luid of fluisterstil om het spannend te maken.” Een ander voorbeeld noemt ze ‘Monkey’, een boek zonder tekst met alleen tekeningen. ,,Verzin zelf het verhaal, dat prikkelt ook nog eens je eigen fantasie.” Voorlezen is voor kleuters en volwassen leuk, maar ook voor baby’s. Room: ,,Hij vindt het vast niet leuk dat ik erover begin, maar mijn zoon begon pas te praten toen hij een jaar of twee was. Vanaf zijn geboorte las ik voor en zong versjes. Toen hij het eenmaal kon rolden al die versjes er zo uit. Denk dus niet dat een kind te jong is om ermee te beginnen.” ,,Interactie met het kind, daar gaat het om”, zeggen beiden in koor. ,,Thuis is het een heerlijk uniek moment om samen met je kind door te brengen.” Beiden zien voorlezen als een verdieping van de relatie tussen ouder en kind. Door er eens lekker voor te gaan zitten wordt een sfeer gecreëerd waar duidelijk wordt dat er tijd is voor elkaar. Datzelfde sfeertje wordt ook gecreëerd in het voorleestheater in de bibliotheek. Een knus zaaltje met vrolijke prenten en muren geschilderd in warme kleuren. Met flyers bij peuterspeelzalen en scholen, publicaties in lokale media en op de website communiceert Room dat de voorleesmiddagen er zijn. ,,Er zijn gemiddeld tien tot vijftien kinderen per keer. Dat lijkt weinig, toch worden het er elke keer meer. Maar er kunnen nog gerust kinderen bij hoor, er zijn nog plekjes vrij.” Zie www.bibliotheekroden.nl. Albert-Jan Garama