Eerst aanjagen en dan naar de achtergrond, Femma Bezu

Roden - Kinderen zijn er nog te jong voor en volwassen zijn het voorbij, maar aan de puberteit ontkomt niemand. Dat ziet Femma Bezu, sociaal cultureel werker bij WiN, dagelijks op straat.

NORG - Net twee jaar geleden is er een concept beroepscode geschreven voor jongerenwerk door bv Jong. Eind 2011 wordt gehoopt deze beroepscode vast te kunnen stellen. Dat sluit goed aan bij Bezu, ze heeft recent haar opleiding Culturele Maatschappelijke Vorming-deeltijd in Leeuwarden afgerond. En dus? ,,De straat op!”, zegt ze beslist en lachend. ,,Een jongerenwerker moet toegerust zijn met diverse competenties. De basisvaardigheden zijn  contact leggen en kennis hebben van de leefwereld van jongeren.” In de dagelijkse praktijk betekent contact leggen gewoon de straat op gaan, wanneer de jeugd daar ook is. De vrijdagavond is erg populair, evenals als de zaterdag. Haar ervaring is dat op elke dag wel wat valt rond te hangen, vooral als het mooi weer is. Geen belemmering ,,Het komt aan op gevoel, je voorbereiden en kijken naar lichaamstaal als je naar een groep loopt. Nee, ik heb totaal geen belemmering of angst om dat te doen. Wat het makkelijk maakt is de kleding die ik draag, ik heb een herkenbare jas. Dus opmerkingen als ‘Hé wat moet die ouwe jongere daar’, blijven achterwege.” Het is voor inwoners van een dorp dus zichtbaar dat de jongerenwerker de jeugd ziet en ermee in gesprek gaat. ,,Ik stap erop af en stel me voor, en peil de stemming. Wat doen ze? Gewoon even gezellig bijkletsen? Willen ze misschien iets doen waarbij ik kan helpen?” Als er overlast is, is ze kordaat. Het liefst zet ze betreffende groepen snel tegenover elkaar aan tafel voor een openhartig gesprek. Dat doet meer dan je denkt, is haar ervaring. Wanneer je elkaars verhaal aanhoort ontstaat vanzelf respect, problemen blijken ineens veel kleiner te zijn dan gedacht. Behalve van straat kent de jeugd Bezu van schoolprojecten. Verder heeft ze een overbruggende en bindende rol tussen jeugd, de diverse belangenverenigingen, politie en de gemeente Noordenveld. Een andere basisvaardigheid van een jongerenwerker is kennis hebben van de leefwereld van jongeren. Die kan voor een deel uit de theorieboeken worden gehaald. Daar staan antwoorden in op vragen als ‘Hoe zit het puberbrein in elkaar?’, ‘Hoe reageert hij of zij op de omgeving?’ ,,Ik was vroeger altijd heel lief”, probeert Bezu met een stalen gezicht. Dan vrolijk vertellend: ,,Natuurlijk, ik ging ook wel eens ergens stiekem naar toe, probeerde wel eens een drankje. Het is voor mij dan ook erg herkenbaar.” Wat Bezu maar wil zeggen is dat theoretische kennis mooi is meegenomen, maar dat ze vooral ervaringsdeskundige is. Doel bereikt ,,Maar begrijp me goed, wat op straat gebeurt is zichtbaar. Wat zich thuis achter de schermen afspeelt weet ik niet. Dat is wel eens gissen, over druggebruik bijvoorbeeld. Daar wordt je op straat dan zomaar mee geconfronteerd.” Een gesprek op straat lijkt dan wat oppervlakkig maar hogere doelen zijn er wel degelijk. Bezu ziet het als belangrijkste taak om de groep in beweging te krijgen. Elk stapje wordt als winst gezien. ,,Als de groep na een gesprek uit zichzelf bij me aanklopt is mijn doel bereikt! Ik help ze met het organiseren van een middagje voetbal, of een feest met oud- en nieuw. Wat ze maar willen.” Bezu werkt dus in principe vraaggericht. Maar ze begint als aanjager, hoopt dat de jeugd het initiatief van haar overneemt en iets gaat organiseren, en dat blijft doen. Haar positie op de voorgrond schuift steeds verder naar achteren. Als uiteindelijk alles zelfstandig draait verdwijnt ze uit beeld, en gaat bezig met de volgende klus. Sociale media De jeugd is van alle tijden, maar de leefwereld waarin we leven is het hier en nu. Die van de huidige jeugd bestaat uit het ontwikkelen en ontdekken van de eigen identiteit, praten over populaire televisieprogramma’s, stappen, ontluikende interesse voor het andere geslacht. Maar dat is niets nieuws. Of toch wel? ,,Wat dacht van je van sociale media! Hyves, Facebook, Twitter. Moet er soms een beetje lachen, als je ziet wat er op twitter wordt gezet…?! ‘Ik ga slapen’, ‘Even douchen hoor’, maar ook complete fotoseries van de vakantie. Ben verbaasd over het gemak waarmee dat gaat. Dat letterlijk de hele wereld je kan volgen is blijkbaar geen probleem. Maar dat het nog jaren op internet blijft circuleren, en later tegen je gebruikt kan worden kan wel problemen opleveren. ,,Nog niet zo heel lang, ik zit op Facebook en twitter natuurlijk zelf ook. Twitter alleen over mijn werk, het is de manier om mijn ‘doelgroep’ op de hoogte te houden van wat WiN allemaal doet. Op het moment heb ik zo’n zeven en veertig volgers. Daar mogen wat mij betreft nog veel meer bij. Dus bij deze: iedereen kan me volgen op @jongerenW_Femma.” Albert-Jan Garama