‘Eet jij tien konijnenkeutels?’

RODEN - Nooit eerder was het zulk schitterend weer tijdens de Kinderboekenweek. Toch was het ook dit jaar weer druk bij boekhandel Daan Nijman. Hoezo ontlezing?

“Juist het kinderboek leeft nog heel erg,” zegt Femke Liemburg van Daan Nijman. “Een rustig moment met je kind op de bank zonder bliepjes en pop-up schermen, wat is er nou mooier dan dat?” Maar vergeet ook de grootouders niet. Ze ziet ze ieder jaar terugkomen met de kleinkinderen, om een boek uit te zoeken of deel te nemen aan een activiteit. Zoals de drukbezochte muzikale voorstelling rond ‘Lampje’, de winnaar van de Gouden Griffel, of de startmiddag waarop al het personeel verkleed was Buurman & Buurman: “iedereen wilde met ons op de foto!”.

Vanmiddag is het wat rustiger, met een workshop Kletsboeken maken rond de tafel voor het raam. Negen kinderen en drie moeders werken eendrachtig aan een eigengemaakte versie van het Kletsboek. Er wordt gekleurd en geplakt maar vooral overlegd. “Wat zou jij doen met een miljoen Euro?” “Wat heb je liever, altijd zomer of altijd winter?” “Zou jij voor 1000 euro tien konijnenkeutels opeten?” De vragen zijn afkomstig uit de verschillende Kletsboeken die uitgeverij Gezinnig in de afgelopen tien jaar uitgaf. Boeken die je voor de verandering nietleest of voorleest, maar die je samen met je kind invult. De rechterbladzijde is voor de(groot)ouder, de linker voor het kind. Zo raak je vanzelf aan de praat.

Blote billen

De boeken vliegen de winkel uit, vertelt Femke. Waarom eigenlijk? “Het is leuk”, zegt een van de moeders. “Er staan net even andere dingen in, vragen waar je zelf niet op zou komen.” Dat zal best. “Durf jij met je blote billen in de sneeuw te gaan zitten?” klinkt het net aan het andere einde van de tafel. En: “wat eet je liever: een bakje friet op de WC of een kommetje witlof aan tafel?” “Dingen waar je anders niet met je moeder over zou praten,” verheldert de dochter. “En het is iets om te doen, dat is weer eens wat anders.”

“Als je vraagt: hoe was het op school? Dan zeggen ze, o leuk,” verklaart uitgever Rianne van Essen. “Dus het is de kunst om aansprekender vragen te stellen.” Ze startte uitgeverij Gezinnig toen haar eigen kinderen 2 en 5 jaar waren. “Om andere ouders zoals zij te helpen om die hectische periode goed door te komen,” zegt ze zelf. “Ik had ook een zware commerciële baan, het was zo druk, ik merkte dat ik er helemaal niet van kon genieten. Dat moet toch anders kunnen?”

Slaapklets

Met haar uitgeverij wilde ze handige hulpmiddelen en opvoedingstips doorgeven. Een ‘duizend kilometer koffer’ met spelletjes voor onderweg in de auto, een magnetisch planbord. Michal Janssen’s idee voor het Kletsboek sloot daar naadloos bij aan. “Ik zag gelijk het potentieel.” Er volgden meer boeken. Zoals ‘Slaapklets’, een soort dagboekje voor het slapen gaan, en ‘Tafelklets’ voor onder het eten. “Ik weet niet hoor,” aarzelt een oma die het allemaal vanaf de zijlijn gadeslaat.

“Misschien hoor je wel dingen die je helemaal niet weten wilt. ‘Op welk dier lijkt je papa?’ bijvoorbeeld. Of: ‘ben je blij met je naam?’” Ondertussen gaan scholen, kindercoaches en logopedisten enthousiast met de serie aan de haal, vertelt Van Essen. Helaas doen ze dat vaak met fotokopietjes, maar toch: “wat een compliment!” “Ik geloof toch dat ik liever gewoon een verhaal voorlees. Daar kan je ook samen over praten, besluit de oma. De moeder en de dochter vertrekken met een Kletspocket. “Voor op vakantie straks.”