Een filmster en zijn vrouw in Peize

PEIZE Ze wonen in een eenvoudige doorzonwoning aan de Karlingakkers in Peize: Aziz (81) en Fatima (71) Haghighirad. Wat weinig Peizenaren zullen weten is dat Aziz eigenlijk (ook) een filmster was. In de periode dat Iran nog een vrij en vooruitstrevend land was en Teheran het Parijs van het Midden Oosten, was Aziz docent aan de universiteit en speelde hij in twee speelfilms. Trots laat hij foto’s zien die het bewijzen.

Aziz praat niet zoveel. Zijn vrouw Fatima voert het woord. In de voortuin hebben hun kinderen een feestelijke boog met roze bloemen neergezet. Fatima draagt een bijpassend roze complet. Het is feest in huize Haghighirad: Fatima en Aziz zijn vijftig jaar getrouwd. ,,Ik heb de burgemeester Klaas Smid nog een berichtje gestuurd. Maar hij komt pas als we zestig jaar getrouwd zijn”, zegt Fatima licht beteuterd. ,,Maar hij heeft wel bloemen gestuurd. Dat is aardig.”

Fatima gaf altijd les. ,,Exacte vakken”, zegt ze trots. Ze vertelt hoe ze dertig jaar geleden met drie kinderen naar Nederland vluchtte. Groot is ze niet bepaald, maar ze is voor de duvel niet bang. Toen de geloofspolitie bepaalde dat op haar school de kranen dicht moesten vanwege ramadan besloot ze te vluchten. Ze had van studenten gehoord dat Nederland zo’n sociaal land was. ,,Dus dáár wilde ik naartoe”, zegt ze. Zat ze daar op een hard bankje op Schiphol. De smokkelaar die haar ernaartoe bracht had inmiddels zijn handen van haar afgetrokken. Hij kende niemand in Nederland, maar deze mevrouw Haghighirad had een nogal duidelijke wens: het moest en zou Nederland worden. Na wat omzwervingen door het land, kwam Fatima in Peize terecht. Haar man zou pas later kunnen volgen.

Haar zoons werden meteen duidelijk opgevoed in de Nederlandse traditie. Zoon Orang Haghighirad stond als jong jochie een keer met zijn broer bij de slager in Peize. ,,We spraken de taal nog niet zo goed”, vertelt hij, ,,dus we overlegden wat in Farsi. Zegt die slager: ‘hé, niks geen gammalahgammalah hier in Peize, we praten gewoon Nederlands.” En zo kon het gebeuren dat de twee donkere jochies door het dorp kuierden en een hand opstaken naar een passerende fietser en in koor ‘moi’ zeiden.’

Fatima vond het belangrijk dat haar kinderen goed zouden integreren in de Nederlandse maatschappij. Ze is trots op haar schoondochters. De vrouw van Orang is Mathilde Benak, een boomlange blozende blondine uit Meppel. Fatima verdwijnt even de gang op en keert terug met een koffer. Ze haalt er drie jurken uit die ze uitspreidt op de eettafel. Een voor de verloving, een voor de ondertrouw, een voor de bruiloft. Benak: ,,De eerste keer dat ik in de familie kwam, zei ze dat ik in haar trouwjurk moest trouwen. Dat gaat natuurlijk nooit passen...”

Kortom, de trouwjurk heeft een keer dienst gedaan en daar blijft het bij. Vijftig jaar geleden. Fatima heeft haar zinnen gezet op het bezoek van de burgemeester over tien jaar. Ze stoot haar man aan. ,,Ik moet dan maar heel goed voor hem zorgen. Hij heeft al drie nieuwe kleppen en twee omleidingen.”

Aziz grinnikt. Fatima lacht.