Dode spinnen en honderd soorten schroeven

RODEN Het gaat goed met Repair Café Noordenveld. Nadat Norg dit najaar een eigen spreekuur kreeg, tonen nu ook Een en Veenhuizen belangstelling.

In Norg was de belangstelling groot. „Grote drukte en klokgelui,” zegt Richard Ton. Zes jaar geleden startte hij het Repair Café samen met zijn vrouw Susanne, Theo Janssen en Folke Hendriks.

Klokgelui? „Om de een of andere reden kwamen heel veel mensen daar met klokken aanzetten.” Eigenlijk doen ze geen klokken. De vrijwilligers willen niet concurreren met de echte klokkenmakers in Noordenveld; zo repareren ze ook geen fietsen of computers. „Maar ik wil best even zo’n klok openmaken om te kijken of hij moet worden schoongemaakt.” Dat leverde soms verrassingen op. „Een klok bleek vol te zitten met dode spinnen. Die moeten er als kleintjes in gekropen zijn; eruit lukte niet meer.”

Susanne Ton zit als voormalig handwerkdocente vooral achter de naaimachine. Al repareerde ze ook al eens een oude luxaflex. „Het koord was ergens bovenin geknapt en alles zat in de knoop. Ik heb al die latjes op een rij gelegd en er een nieuw koord doorheen geregen.” Waarom al die moeite? „Het was een unieke goudkleurige luxaflex van 30, 40 jaar oud, speciaal gemaakt voor dat ene huis in Norg.”

Kleding verstelt ze ook wel eens. Maar het meest brengen de mensen toch oudere elektrische apparaten. „De koffiezet- apparaten zijn het ergst,” zegt Richard. „Die kunnen niet uit elkaar. Je treft er de wereld aan verschillende schroeven, en overal heb je een andere schroevendraaier voor nodig.” „Het is een soort oorlog,” vult Susanne aan. „Steeds als wij het juiste gereedschap hebben, komen zij met een nieuw soort schroef. Het is gewoon niet de bedoeling dat je ze repareert, je moet een nieuwe kopen!”

Ergernis over dat soort verspilling is een van de drijfveren van het echtpaar. „Duurzaamheid vinden we erg belangrijk.” Soms kom je dan in tweestrijd. „Die lamp was nog van mijn vader, zeggen mensen dan. Maar er zit wel een staafje van 200 Watt in.”

Wat doe je dan? „Ik kijk ze diep in de ogen: niet meer doen hoor! Een ledlampje werkt net zo goed. Als dat niet kan vanwege de dimmer maak ik wel een bypass.”

En zo wordt er heel wat afgekletst aan die lange tafels. Door de vrijwilligers, maar ook de klanten. „Het heet niet voor niets: repair-café!” Tot de spelregels behoort namelijk dat de klant erbij blijft. „Om uit te leggen wat er precies aan mankeert. En misschien kijken ze de kunst wel af.”

Het kan zijn dat daar binnenkort nog een regel bijkomt: geen reparaties die langer duren dan drie kwartier. Er mogen dan gemiddeld acht vrijwilligers klaar staan, met dertig klanten lopen de wachttijden wel op. Anderzijds, met een kopje koffie erbij raken de wachtenden vaak met elkaar aan de praat. En die gezelligheid is de andere pijler van het Repair Café. Om die reden was ook WiN betrokken bij de oprichting.

En dat merkwaardige apparaat dat nu voor ze op tafel ligt, repareren ze dat ook? „Dat is een hele oude telefoon, daarmee belde je de telefooncentrale en die verbond je dan door.” Die telefonistes van toen, die kan de beste reparateur niet terugbrengen. „Maar als je hem opwindt, dan klinkt er een belletje. Daarvoor gebruikte die mevrouw hem nog. Dan wist haar man boven, dat het eten klaar was.”

Elke eerste woensdag van de maand in Doopsgezinde kerk te Roden 14.00 – 16.30 uur