Broedvogels in De Onlanden: plus en min

REGIO

In De Onlanden is een verschuiving te zien bij de broedvogels. Een flink aantal soorten zit in de plus, maar bijvoorbeeld voor grutto en scholekster biedt het nieuwe natuurgebied geen soelaas.

In 2018 werden in De Onlanden opnieuw meer territoria van broedvogels vastgesteld dan in de jaren hiervoor. Dat had deels te maken met de toename van het aantal broedvogels in het gebied, maar werd zeker ook veroorzaakt doordat dit jaar het natuuroppervlak in De Onlanden bijna volledig goed geïnventariseerd kon worden. De extreme weersomstandigheden in Nederland, en wellicht ook op de migratieroutes, hadden ook zeker effect op de aantallen broedvogels en op het broedresultaat in De Onlanden.

Russische beren

Russische beren, recordtemperaturen en –neerslag hoeveelheden, langdurige droogte, stormen in de Sahara; de klimaatveranderingen waren duidelijk voelbaar voor de Natuur in het gebied. Insecteneters leken te profiteren, watervogels ondervonden soms de nadelen van de weersomstandigheden. Hieronder komt het extreme weer dan ook regelmatig terug in de teksten over de resultaten van het broedseizoen voor de afzonderlijke soorten en soortgroepen.

Het jaar 2018 kenmerkte zich in Nederland door extremen in het weer. De winter werd afgesloten met een paar ongewoon koude periodes (‘Russische beren’). De zomer was gortdroog en bijzonder warm. Het broedseizoen voor de vogels in De Onlanden viel grotendeels tussen deze perioden van extreem weer. De meeste vogels ondervonden dan ook geen gevolgen van de kou, droogte of warmte tijdens het broeden, maar hier en daar was toch een invloed merkbaar. Ook hadden perioden van storm in de Sahara mogelijk een effect op de aantallen van sommige zangvogelsoorten die in De Onlanden arriveerden.

Waterpeil

Soorten als rietzanger en boompieper waren in opvallend lagere aantallen aanwezig dit jaar. Ook zorgde een plotselinge waterpeilstijging, als gevolg van flinke regenval in korte tijd, in april voor problemen bij de watervogels die langs het Eelderdiep broedden.

Ondanks deze klimaatperikelen steeg het aantal territoria van broedvogels in De Onlanden weer verder in 2018 (naar 8179, 80 meer dan vorig jaar). Deze toename werd deels veroorzaakt doordat vrijwel het gehele oppervlak van het natuurgebied dit jaar goed geteld werd, dankzij de inzet van zo’n 25 vrijwilligers. Ook werd een groot deel van het Leekstermeergebied dit jaar, in het kader van de SNL monitoring, geteld door een medewerker van Sovon. Naast de toename die veroorzaakt werd door het betere telwerk, waren bij veel soorten ook reële toenames van de aantallen territoria te zien.

Zorg

Wel was de toename minder fors dan in 2017 en kwam ze voor het grootste deel op het conto van de kokmeeuwenkolonies langs het Eelderdiep, die opnieuw groeiden. Doordat vooral het aantal rietzangers flink afnam, was de netto groei toch gering. Opvallend waren verder de relatief grote aantallen porseleinhoenen, kwartelkoningen en paapjes. Dat een aantal soorten, ondanks het vrijwel volledige tellen van het gebied, toch een flinke daling liet zien is een punt van zorg. Enkele soorten lijken hun langste tijd gehad te hebben in De Onlanden. De oorzaak van de afnames ligt waarschijnlijk niet altijd binnen De Onlanden, want soorten als scholekster en grutto doen het ook landelijk niet goed.

Desondanks nam het aantal vogelsoorten dat in De Onlanden broedde in 2018 verder toe. De nieuwkomers waren verwacht (bijvoorbeeld de oeverzwaluw) of verrassend (zoals de Grauwe klauwier). Doordat enkele soorten dit jaar niet terug kwamen (tapuit bijvoorbeeld), bleef de toename beperkt, maar 107 verschillende broedvogelsoorten, waarvan er 32 op de Rode Lijst staan, is een mooi nieuw recordaantal.