Zomerslaap: Tijdloze rust in Huis ter Hansouwe.

Nu de herfst dichterbij komt in deze laatste ‘Zomerslaap’ een locatie waar je ook ’s winters heel goed terecht kunt. Waar het een genoegen is, om donkere wolken te zien aanstormen over het lege, open land. Je gooit gewoon nog een blok op het vuur. En richt je blik van het buiten- naar het binnenraam: een glaswand met daarachter een eeuwenoude boerenschuur, met lemen vloer en monumentaal gebint.

Op deze grijze maandagmorgen wordt de vakantiewoning in Huis ter Hansouwe, even buiten Peize, juist schoongemaakt. De weekendgasten zijn vertrokken; zes bedden worden verschoond en twee badkamers gesopt. De grote deuren naar het terras staan open, maar toch dwaalt je blik steeds af naar die fascinerende negentiende-eeuwse schuur, daar aan de andere kant van de glaswand. Als de verlichting aan gaat zie je er een oude tractor staan. Het appartement is er in een L-vorm omheen, of eigenlijk in gebouwd. “Volledig reversibel,” vertelt beheerder Jermo Tappel van het Drentse Landschap. “Er is niets van het oorspronkelijke gebouw aangetast, je zou het vakantiehuis er zo weer uit kunnen halen.” Goedkoop is dit stulpje niet. “Het valt in het wat duurdere segment. Wij bieden verschillende vakantiewoningen, van sluiswachtershuisje tot landhuis. En hier verblijf je in een monumentaal steenhuis, met een erf van 15.500 vierkante meter.” Stichting Het Drentse landschap beheert zowel natuur als erfgoed, alleen in Drenthe al 280 gebouwen. Het onderhoud van monumentale panden is niet goedkoop; de opbrengsten van de verhuur helpen een handje.

Wat is dat eigenlijk, een steenhuis? “In de Middeleeuwen waren de meeste huizen van hout. Alleen de adel kon zich een stenen huis permitteren: een teken van rijkdom, en ook een plek waar ze hun eigendommen konden verdedigen. De meeste steenhuizen zijn later uitgebreid tot borg of havezate, zoals bijvoorbeeld Mensinghe. Maar dit huis heeft zich ontwikkeld tot boerderij.” Dat was dan wel een kolossale boerderij: het vakantiehuis bevindt zich in het ene uiteinde, de schuur die er in 1837 gebouwd is. Aansluitend is er een tussengedeelte uit 1590 met een grote ruimte die wel verhuurd wordt voor cursussen en vergaderende bedrijven. Maar de echte tijdscapsule, het oorspronkelijke steenhuis, bevindt zich aan het verste einde. “Dat stamt uit de veertiende eeuw, al is het wel afgebrand en herbouwd in het rampjaar 1672. In de opkamer daar stamt alles nog uit dat jaar: de schouw, de wand van de bedstee en de zogenaamde kloostervensters.”

In die bedstee rekt vanmorgen een poes zich geeuwend uit. Bewoner Geert Zuidema was zo vriendelijk om ons even binnen te laten. Samen met zijn vrouw huurt hij dit oudste deel van het huis, dat zowel buiten als binnen onder monumentenzorg valt. Een interieur dat in zijn voorname soberheid vaag herinnert aan de schilderijen van Henk Helmantel. Die opkamer is trouwens bar koud in de winter, met die monumentale ramen: enkel glas in lood. Maar dat hindert niet, “het is elke dag weer een kadootje om hier te mogen wonen.”

Wel komt er heel wat kijken bij het beheer van zo’n historisch boerenerf met 82 fruitbomen, die allemaal gesnoeid moeten worden. “Deze zomer kregen we bezoek van de eikenprocessierups, en nog een andere ook,” meldt Huizinga bedroefd. “Binnen een paar dagen was al het blad eraf.”

Van dat soort zorgen heeft men in het vakantiehuis geen weet. Daar kijk je vanaf het terras uit over open land waar weinig lijkt te gebeuren. Precies wat je nodig hebt om een weekje bij te komen. ”Weidse verten en fabelachtige luchten,” juicht iemand in het gastenboek. “Stilte is hier een beleving.”

Informatie over de verhuur: www.buitenlevenvakanties.nl. Er is ook een boek verschenen over de geschiedenis van het steenhuis: https://www.drentslandschap.nl/winkel/cultuurschat-huis-hansouwe


Auteur

Edith Boeker