Straatpraat: ook wielerfan?

RODEN

Noordenveld ziet zich graag als dé fietsgemeente van Drenthe. En het moet gezegd, er zijn ook diverse wielerspektakels, zoals de Acht van Noordenveld, de Wielermeerdaagse, de Lus van Roden en de Slag/Veldslag om Norg. Maar bent u ook wielerfan? Al dan niet voor de tv?

Jelle Ettema uit Roden noemt de wielersport prima. „Maar mijn ding is het al jaren niet meer. Al kijk ik nog wel naar de Tour de France. Ach, je hebt andere bezigheden in en rond huis. Of gewoon thuis zitten”, laat de Roner weten.

Ettema heeft ook zijn bedenkingen bij de sport. „Of de sport nog zuiver is? Dat kun je je afvragen. Het helpt niet dat mensen dingen gebruiken die niet kloppen. Maar blijkbaar telt het resultaat meer”, meent hij. Zelf fietst Ettema alleen recreatief. „Volgende week misschien naar het werk, als de bus niet gaat....”

Jan de Vries uit Roden heeft naar eigen zeggen nooit iets met wielrennen gehad. „Nee, behalve dan dat ik zelf fiets. Maar dat is meer woon-werk. Ik fiets van Roden naar Smilde, dat is precies 23.320 meter. Ik werk 80 procent, dus fiets drie, vier dagen per week. Behalve als het klotenweer is”, lacht hij.

De prestatie levert De Vries op een gewone fiets, dus zonder trapondersteuning. „Al denk ik bij tegenwind wel eens.... Ach, ik sport verder niet. Maar het is goed voor het milieu, voor de portemonnee en voor de conditie. Dus ik zet me er overheen. Wielrennen op tv kijk ik ook niet, ik kan de tijd nuttiger besteden. Max Verstappen is ook goed in de Formule 1, maar ik kijk er niet meer om...”

Anne de Groot uit Roden is af en toe wielerfan. „Vooral als Nederlanders meedoen. En als het spannend wordt. Maar veel heb ik er niet mee. Er zijn mooie ritten, zoals in de Giro of de Tour. Als het naar de Alpe d’Huez gaat, wil ik wel eens kijken. Op een terras of desnoods op de iPad.”

Wielerwedstrijden in Roden volgt De Groot niet echt. „Ik heb wat mankementen aan de voeten, kan niet zo lang staan. Ach, Nieuw-Roden (de Wielermeerdaagse-red.) is vlakbij. En laatst de dameskoers in Lieveren, dan stop ik wel even. Maar ik zie liever echte profs. Als ik ga, is het meer voor de gezelligheid.” (Foto’s Germ Geersing.)