Harry Huisman: zwerven voor keien

RODEN

Harry Huisman (74) is  amateurgeoloog en kenner van zwerfstenen. Hij is als vrijwilliger bij het Hunebedmuseum in Borger betrokken. Daarvoor was hij jarenlang conservator van de geologische collecties in Natuurmuseum Groningen en in het universiteitsmuseum, ook in Groningen.

“De fascinatie voor stenen is al in mijn vroege jeugd begonnen. Ik kan me niet anders herinneren als dat ik steentjes verzamelde. Als we naar Drenthe op vakantie gingen nam ik daar vuursteentjes van mee, want ze glommen zo mooi. Die hobby is blijven hangen en kreeg echt betekenis toen ik op de middelbare school zat. Ik had een etalagewedstrijd gewonnen en met dat geld kon ik stenenboeken aanschaffen.” “Ik woonde in Groningen. Die stad is gebouwd op de uitloper van de Hondsrug. Bij graafwerkzaamheden tussen Haren en de stad kwamen ontzettend veel stenen tevoorschijn. Die waren door het gletsjerijs in de ijstijd, zo’n 140.000 jaar geleden achtergebleven. Ik kreeg kennis aan grafdelver Bernard Boelens die op de Esserbegraafplaats werkte. Bij het graven vond hij veel zwerfstenen waaronder heel veel fossielen. Hij was een kenner en vertelde mij waar ik op moest letten en waar te zoeken”.

Keienboek

“Ik heb destijds het dure keienboek gekocht en ben lid van de Nederlandse Geologisch Vereniging geworden. In de wintermaanden waren bijeenkomsten, daar sprak je over zwerfstenen en zag je ook wat anderen gevonden hadden. Ik was zelf nog puber, verder waren het vooral ouderen. Van die ‘cracks’ heb ik ontzettend veel geleerd. Op een gegeven moment heb je zelf zoveel kennis opgedaan dan kun je zelf anderen instrueren. Een voordeel is dat ik stenen die ik één keer gezien heb niet meer vergeet, ook niet na jaren, dat maakt het herkennen ook een stuk makkelijker.” Harry werd steeds meer gevraagd om stenen te determineren, waaronder zwerfstenen die in de ijstijd door rivieren als Rijn, Maas, Wezer en Elbe zijn aangevoerd. “Ik heb in mijn werkzame leven gewerkt in het Natuurmuseum in Groningen waar ik tentoonstellingen maakte en inrichtte en aan de opbouw van geologische collecties werkte. Na de opheffing van het Natuurmuseum in 2007 verhuisden deze collecties naar het Universiteitsmuseum. Daar heb ik een jaar of tien als vrijwilliger gewerkt. Ik werk inmiddels ook alweer een jaar of 10 bij het Hunebedcentrum ook als geologisch conservator.”

Aardlagen

Door de vondsten van zwerfstenen kreeg hij ook veel kennis over de bodem, de aardlagen en de ouderdom daarvan. “Archeologen zoeken vooral naar overblijfselen van menselijke activiteit en dan komt ook vaak natuursteen naar boven. Dit is sinds een aantal jaar heel belangrijk geworden want dat geeft veel informatie. Het is belangrijk waarvoor de stenen in het verleden gebruikt zijn en waar men ze vandaan heeft gehaald.” “Ik ben afgelopen week net twee dagen naar Noord Holland geweest om stenen te determineren van  Den Burg, Texel. Die stenen blijken voor een belangrijk deel verbrand en gebroken te zijn. De vraag is: Wat is dat geweest, welke oorzaak en waar komen die keien vandaan? Dat moet ik nog verder uitwerken.” Ook was hij door de  archeologische dienst West-Friesland uitgenodigd om bij Edam naar de IJsselmeerdijk te kijken.

Zwerfkeien

“Daarin zijn zwerfkeien verwerkt en een deel van de keien komt uit Drenthe. De vraag was of ik kon herkennen waar ze vandaan kwamen. Ik herkende bijvoorbeeld de stenen uit Drenthe. Dat zag ik aan het uiterlijk, de manier waarop ze verweerd waren en de samenstelling van het gezelschap stenen. De laatste jaren word ik steeds meer voor dit soort dingen gevraagd, want het is een wereld die archeologen niet kennen maar wel belangrijk is. Harry is nog elke dag met zijn hobby bezig. “Ik heb een tweetal uitgebreide websites over stenen, ijstijd en bodem (www.kijkeensomlaag.nl en https://huishoutsteen.wordpress.com/. Daarnaast publiceer ik allerlei artikelen.” Ook geeft hij samen met een kennis foto determinatiegidsjes uit over zwerfstenen die in ons land gevonden worden, zodat die informatie doorgegeven wordt en mensen zelf de stenen ook kunnen herkennen. “Zo lang ik het kan blijf ik het doen. Ik vind af en toe nog zeldzame dingen. De spanning van het zoeken, de hoop iets te vinden dat bijzonder is. Die kans dat je wat vind is altijd aanwezig en maakt het iedere keer weer spannend.” Cindy Houwen

Auteur

ggeersing