Wyberen met wethouder Henk Kosters: 'In heel goede sfeer'

RODEN

“Voor je het weet, ben je Roden alweer door. Dát zeiden ze.” Wethouder Henk Kosters schudt het hoofd. Hij had ze zelf uitgenodigd, die studenten Ruimtelijke Ontwikkeling uit Groningen.

Met hun jeugdig onbevangen, maar al wel geschoolde blik konden ze mooi wat ideeën aan de hand doen voor de centrumontwikkeling van Roden. Sommige van die ideeën waren herkenbaar, anderen verrasten. “Ze zeiden bijvoorbeeld: mooi hoor, die nieuwe Albertsbaan. Maar als ik daar ben wil ik ook naar Mensinge, de parel van het dorp. Staat nergens aangegeven! En die steegjes naar de parkeerplaatsen toe, kan je daar niets leukers van maken?” Inmiddels ligt het concept startdocument Centrumontwikkeling Roden er alweer een paar maanden: neerslag van deze en andere gesprekken, met allerlei partijen. “Er staan goede ideeën in,” zegt de wethouder. “Maar ook een paar dromen, om de discussie op gang te krijgen. Want nu moeten we naar een concreet uitvoeringsprogramma toe. Liefst vóór de zomer. Wat gaan we doen, wanneer, door wie en wat kost het?”

Ruit

O jee. Als het concreet wordt, gaan er bij B & W nog wel eens stenen door de ruit, leert een blik in de landelijke kranten. “Goed dat u dat zegt. Hier gaat het juist in een hele goede sfeer.” Kosters heeft net weer een bijeenkomst achter de rug. Met de stakeholders dit keer – o.a. de verschillende ondernemersverenigingen, vertegenwoordigers van de drie musea, Vereniging Volksvermaken en wijkbelangen vereniging Centrum. “Het was best een succes. De opzet was een beetje zoals bij DWDD, iedereen werd uitgenodigd om aan tafel aan te schuiven. Op die manier hoort iedereen van elkaar hoe men erin staat. In plaats van dat de gemeente met elke partij afzonderlijk spreekt.” Verbinding, daar gelooft hij in. “Uiteindelijk moeten we knopen doorhakken, maar op weg daarheen is het belangrijk om begrip te krijgen voor elkaars belangen. Ook als die tegengesteld zijn.  Uiteindelijk moeten we hetzelfde doel hebben, als het jou goed gaat, gaat het mij ook goed. Bijvoorbeeld: als de musea toeristen trekken, floreert de horeca ook.” In het gesprek over de Heerestraat stonden vorige week voor- en tegenstanders van het parkeren in die straat tegenover elkaar. Maar over een aantal zaken waren ze het al wel eens: het centrum moet zich ook op jongeren richten; het verhaal rond het culturele kwartier moet beter verteld, en er moet kwaliteit zijn in het centrum.

Concreet

“Ik snap dat er mensen zijn die zeggen, jonge jonge, word eens concreet! Maar je moet eerst dit proces door om concreet te wórden.” Een proces dat hij schetst als een serie wybertjes. Het begint met en vraag: bovenaan, op het smalste punt van het ruitvormige dropje. Daarover ga je met iedereen praten, zo wordt het steeds breder. De uitkomsten trechter je in een concept startdocument: het eerste wybertje is af. Ga je daarmee vervolgens weer de boer op, dan waaiert het weer uit. Maar uiteindelijk valt er een besluit. Werkt dat? “Bij de Norgerduinen zie je dat ze 20 jaar lang alleen maar discussieerden over wonen of niet wonen in dat gebied. Zo kom je niet verder. Inmiddels hebben we met de verschillende partijen een veel bredere visie neergelegd: wat willen we met dat gebied? En vanuit die visie kunnen we nu tot een aantal voorwaarden komen. Voldoe je daaraan, wieweet mag je er dan wonen.” O ja, hij gelooft erin. Sterker nog, dit vindt hij het leuke van zijn rol. “Je moet steeds in contact blijven met iedereen, je kan dit soort dingen niet vanuit dit huis beslissen. De meeste kennis is buiten dit gemeentehuis.” Edith Boeker

Auteur

ggeersing