Dorpscafé De Kastelein in Nieuw-Roden: 'fijn'

NIEUW-RODEN

Drie maanden was het café in Nieuw-Roden gesloten. De eigenaar stopte ermee, en niemand die het wilde overnemen. Er vertrokken al eerder bedrijven uit het dorp.

Met elke nieuwe lege plek wordt het stiller. Maar als het café wegvalt, wordt het wel heel stil. Of ze wel eens in het dorpscafé komen? Verbaasde blikken. “Vroeger”, zegt één van de aangesproken dames in de supermarkt van Nieuw Roden, “ toen was ik er niet weg te slaan. Dansen!!” Ze haalt een hand door haar witte haar alsof ze zeggen wil: die tijd is al heel lang voorbij. En dan gaat het gesprek verder waar het gebleven was: over de auto die vannacht uitbrandde, zomaar op straat. Wie doet er nu zoiets? Op leeftijd is ook het echtpaar op stevige stappers in de dorpsstraat . “Nee, wij gaan niet meer uit. Wij wandelen liever. Maar het is wel fijn dat er weer een café is. Het is echt een ontmoetingsplek voor het dorp.” Ze knikken opgewekt naar de gevel achter hen. ‘De Kastelein’ staat daar met grote letters. Geopend van vier uur ’s middags tot twee uur ‘s nachts. Binnen is het bruin, zoals je verwacht in een dorpscafé. Singelhoesjes uit de jaren zeventig sieren de lage balken; wat verderop zijn het supporterssjaals van alle mogelijke clubs en nationaliteiten. Het café is voor iedereen, wil kastelein Tjerk van der Boom maar zeggen. “In een stad zoals Groningen heeft elk café een eigen thema met een bepaald soort muziek en inrichting. Bijvoorbeeld een schaakcafé, een bluescafé en ga zo maar door. Hier moet je allround zijn, want er komen mensen van verschillende pluimage. Dat is leuk maar ook best een uitdaging.” .

Voetbalsjaal

De nieuwe eigenaar kijkt tevreden rond. Van de decoraties aan muren en plafond zijn er verschillende meegebracht door de bezoekers. Die voetbalsjaal uit Oost Europa nam iemand mee van een vakantie. Zo wordt het steeds meer eigen. “Er is hier een heel open sfeer, je wordt direct opgenomen” zegt Paul van Essen. Hij ondersteunt Tjerk bij marketing en publiciteit. “Er zijn dorpscafés, waar je als buitenstaander werd aangestaard. Ik ben zelfs wel eens in één geweest, daar werd ik niet bediend. Ik kreeg pas wat toen de vrienden die me hadden uitgenodigd voor me bestelden. Dat zal je hier niet meemaken. Tjerk ontvangt iedereen met open armen. Hij maakt ook met iedereen een praatje.” “Vanavond zal het wel over die uitgebrande auto gaan,” voorspelt Tjerk. “Hier gaat het altijd over alles wat er speelt in het dorp.” En die rol wil het café ook op zich nemen. De biljartclub en de darters hebben er al hun stek gevonden. Zou dat ook niet kunnen met de voetbalvereniging? Dat ze van hier vertrekken bij hun uitwedstrijden? Kopje koffie erbij, biertje na afloop? “Je moet de mensen leren kennen, dat is het avontuur.” Hij is niet uit het dorp maar woonde wel van zijn dertiende tot zijn vijfentwintigste in het nabije Zevenhuizen.

Disco

“Toen wij jong waren, gingen we uit om onze vrienden te ontmoeten. Voetballen, naar de disco,”filosofeert Paul. “Tegenwoordig appen ze of ze zitten op Facebook. Voor contact hoeven mensen de deur niet meer uit. Ze willen vermáákt worden. En dat gebeurt hier.” Tjerk knikt bedachtzaam. Fietstochten organiseerde de vorige eigenaar ook al. Maar nu zijn er ook een pubquiz, een spooktocht, viswedstrijden en regelmatig live muziek. Tjerk denkt na over thema avonden: een piraten avond, een avond rond de top 40 of de nineties. En dan moet er nog iets aan het terras gebeuren. Zodat je ziet: het café lééft weer. Want dat doet het. Edith Boeker

Auteur

ggeersing