Bezield door de Drentsche Aa

Roden

Andre Brasse is educatie-coordinator voor het Drentsche Aa-gebied en houdt zich onder meer bezig met het ‘levend bezoekersnetwerk’.

ASSEN/RODEN/REGIO - ,,Ik heb de mooiste baan van de hele wereld”, vertelt Andre Brasse in zijn kantoor in het Duurzaamheidscentrum in Assen. De 55-jarige als biologie en aardrijkskunde opgeleide docent is educatie-coördinator voor het Drentsche Aa-gebied. Hij is in dienst van het IVN, het instituut voor natuureducatie en duurzaamheid. ,,Wat wij moeten doen is het verhaal van de Drentse Aa bij alle doelgroepen neerleggen. Wij moeten het verhaal tussen de oren te krijgen. Waarom doen wij wat we doen en wie maakt de keuzes? Vooral voor de bewoners is dat van belang. Wat je vaak ziet is dat de Drentsche Aa gekoppeld wordt aan Staatsbosbeheer, terwijl heel veel kleine verenigingen allemaal een belangrijke bijdrage in het geheel hebben.” Het nationaal park Drentsche Aa is een samenwerkingsverband tussen meer dan twintig partijen. Naast de provincie en vier gemeenten zijn ook het waterschap, natuurorganisaties, landbouwers en de bewoners zelf bij het gebied betrokken. Het verhaal ,,Het Drentsche Aa-gebied is het best bewaarde laagland beeksysteem van West-Europa vertelt Andre Brasse. ,,Elke regendruppel die hier in de grond sijpelt, komt vroeg of laat via het beekstelsel in de Waddenzee.” Brasse vertelt enthousiast hoe na de ijstijd het gebied begroeid werd met planten en bomen. Hoe later dieren in het gebied kwamen en nog later de mens. ,,Die hele geschiedenis ligt hier nog en dat is een groot verschil met andere gebieden. 110.000 jaar geschiedenis kun je hier terugvinden. Het is het eerste en enige archeologisch reservaat van Nederland. Wij vinden hier nog vuurplekken van de eerste jagers na de ijstijd. Ook liggen hier nog mammoeten in de grond, onaangeroerd.” Brasse vertelt verder over de hunebedden, karresporen uit de middeleeuwen en oude dorpen. “Dat kunnen we allemaal aanwijzen. Ook de oudste boerderij van West-Europa lag in dit gebied”, om daar teleurgesteld aan toe te voegen: ,,Die is een paar jaar geleden in de fik gegaan.” Ontwikkelingen ,,Maar wij zijn geen museumlandschap. De ontwikkelingen moeten wel doorgaan, maar wel binnen bepaalde marges. Puur cultuurhistorisch landschap en natuur hebben we niet meer in Nederland. Alles is wel een keer door de mensen beïnvloed, maar het Drentsche Aa-gebied is nog dusdanig in tact dat we het watersysteem, dat zo belangrijk is, zoveel mogelijk willen herstellen.” Brasse werkt sinds 2003 voor het nationaal park. ,,Mijn hoofdtaak is communicatie, educatie en natuurgerichte recreatie. Daarbij moet je denken aan extensieve duurzame recreatie, zoals fietsen en wandelen. Recreatie die niet het gebied vernield. Ik ben de hele dag bezig met natuur. Ik vind het geweldig om van mijn hobby biologie mijn werk te hebben gemaakt. Het is afwisselend en dankbaar werk. Ik ben veel vanachter mijn bureau bezig, en als ik geluk heb mag ik ook het gebied in”, vertelt hij lachend. Levend bezoekersnetwerk Brasse houdt zich onder meer bezig met het trainen van ondernemers als gastheren van de DrentscheAa. ,,Wij hebben geen bezoekerscentrum, maar wel veel bewoners in het gebied. Op de vraag hoe wij onze bezoekers kunnen bereiken kwamen we op een ‘levend bezoekersnetwerk’. De meeste nationale parken hebben een bezoekerscentrum en alle drukte op een plek. Dat is hier niet aan de orde. Onze bezoekers komen bijvoorbeeld bij een camping, een restaurant of een fietsenmaker. Al die bedrijven hebben we aangeschreven om een cursus te volgen. Dat kwam langzaam op gang, maar inmiddels hebben we meer dan honderdvijftig ondernemers opgeleid als gastheer. Zo ondervangen wij het gebrek aan een bezoekerscentrum en wij weten dat het verhaal dat verteld wordt goed is.” Doel ,,Ons doel is om het park goed neer te zetten. Het Drentsche Aa gebied is een voorbeeldpark met onze gastherenstructuur. Maar er zijn nog wensen, Het Rolderdiep moet nog meanderen en er zijn allerlei ontwikkelen die toch wel weer spannend zijn. We vallen niet meer onder het LNV (Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit), maar onder economische zaken. Vroeger lag de focus op natuurbeheer, nu gaat het meer om evenwicht tussen economie en ecologie. Dat is een verschuiving in ons verhaal, nu meer natuur verhaal, nu meer pr en marketingverhaal.” ,,Trots zijn op je eigen omgeving is niet echt Drents”, besluit Brasse, ,,Heel veel Drenten beseffen niet dat we goud in handen hebben en wat een geweldig verhaal schuilgaat achter onze natuur. Ja, ik ben bezield door onze omgeving. Als ik weg ben geweest en weer terugkom in Drenthe denk ik vaak ‘wat hebben we het hier toch mooi’. Ik vind het geweldig dat ik daarvoor mag werken.” Maurice Vos Foto Maurice Vos

Auteur

Albert-Jan Garama